donderdag 21 juli 2016

DUCK-tales

Al een aantal weken hebben we het plaatsje Duck in onze kaartplotter staan. Dit is ons doel voor de komende weken. Niet New York, Long Island sound of Washington D.C. Nee Duck of all places is the place to be. Maar waarom? Wel, we krijgen bezoek van mijn oom en tante uit Ohio. Zij kunnen in de maand juli in een appartement van familie. Dus proberen we zo snel mogelijk die kant op te gaan.

ALBEMARLE SOUND
Duck ligt in de Outerbanks; een lange landtong die rond Cape Hatteras ligt. Aan de oostkant ligt de Altantische oceaan en aan de westkant de Albermarle sound, een binnenmeer te vergelijken met het IJsselmeer.

De Albermarle sound is geen fijn gebied voor zeilers. Het is er erg ondiep, gemiddeld 2,5 meter, waardoor er al snel korte steile windgolven ontstaan. Het gehele gebied is volgestopt met krabpotten, zodat je slalommend door een soort mijnenveld vaart. Grote delen van het meer is te ondiep voor ons waardoor we bijna nergens dichtbij land kunnen ankeren. Bovendien is er weinig beschutting rondom het meer. Er zijn slechts een paar marina's waar we per nacht al gauw 75 dollar mogen neertellen.

We besluiten om 20 mijl van de ICW route af te slaan en gaan naar Elizabeth City. Deze stad wordt de Harbour of Hospitality genoemd. Dus dat beloofd wat.... Een nadeel echter is dat het bijna 1,5 uur van Duck af ligt.

Een rij Nederlandse vlaggen met 'Welcome' er op. Mensen die met stoeltjes langs de waterkant zitten, terwijl wij
komen aanvaren. Wat een warm ontvangst als we Elizabeth City binnenvaren!
In werkelijkheid... worden NL vlaggen in heel Amerika gebruikt om uitverkoop e.d. aan te kondigen
- zouden wij in Nederland eens met Amerikaanse vlaggen moeten doen -
en zitten de ElizabethCitiers te wachten op het vuurwerk.
HOE GASTVIJ IS...
Elizabeth city ligt aan het begin van de Dismal Swamp canal, een prachtig stuk van de ICW, maar met een diepte van 1,8 meter helaas te ondiep voor ons. Elizabeth city heeft de beschutting die we zoeken en bovendien een gratis steiger waar je 48 uur mag liggen. Maar wij willen de boot voor 6 nachten ergens achterlaten. We gaan naar de plaatselijke Visitors center om te vragen wie verantwoordelijk is voor de City Dock. Dat blijkt de plaatselijke sheriff te zijn. We leggen aan de dame van het Visitors center onze situatie uit; helemaal uit Nederland komen zeilen, heeft 2 jaar geduurd en nu eindelijk kunnen we onze familie ontmoeten die we uiteraard al jaaaaren niet meer hebben gezien. Ze voelt sympathie voor ons mede omdat ze zelf ook een jaar in Nederland heeft gewoond. Ze besluit een email te sturen naar de sheriff voor ons, maar heeft haar twijfels of het lukt. In de middag moeten we maar weer even langskomen.

In de tussentijd verkennen we het dorp. Er wordt druk gewerkt om de activiteiten klaar te zetten voor de festiviteiten van 4th of July. Als we in de middag terugkomen is het in orde. We hebben officieel een akkoord van de plaatselijke sherif om 6 nachten te verblijven aan de gratis dorpssteiger! Hoeveel Hospitality is dat!!!!

4th OF JULY
Als opgetogen blije kinderen lopen we bijna huppelend door het dorp. We hadden nooit verwacht dat we 6 nachten aan die steiger zouden mogen liggen. Daarom hadden we al heel wat scenario's bedacht zoals 2 nachten mee naar Duck, dan Walewijn 1 of 2 nachten weer voor anker en daarna weer voor 2 nachten naar Duck. Geen van deze opties was ideaal. Maar nu is het probleem opgelost en we zijn opgelucht dat we eindelijk een goede plek voor de boot hebben en.....het is 4th of July!

Op de kant staan allerlei eettentjes en spelattributen. Aan de overkant worden grote plateaus met vuurwerk klaargezet. Quirijn vermaakt zich met het springkussen en de diverse spelletjes. Er is een touwtrekwedstrijd en een watermeloen-(vr)eetwedstrijd. Langs de waterkant installeren zich steeds meer mensen met stoeltjes, tafeltjes en koelboxen. 


Wij besluiten om terug te gaan naar de boot, want vanaf daar hebben we toch de beste plek om het vuurwerk te bewonderen.
We liggen "front row" en hebben een spectaculair zicht op het vuurwerk.
Vuurwerk kijken vanaf Antares. Quirijn houdt zijn vingers
in zijn oren vanwege het kabaal.



De pijlen vliegen rond onze oren. We liggen pal voor de werf waar alle vuurwerk wordt afgeschoten en zijn al even iets verderop gaan ankeren. De volgende ochtend verplaatsen we Antares naar de free dock waar we haar zes dagen achterlaten.

GRATIS
De volgende dag verkennen we Elizabeth City verder. Er is een museum over de geschiedenis van de regio. Toegang gratis! Er is een kinder-doe-museum. Toegang....ook gratis! De hele middag zitten we dus met Quirijn bij het kindermuseum in de airco. Het algemene thema is wetenschap. Er zijn diverse speelhoeken ingericht met thema's als techniek, natuur, menselijk lichaam, voeding en gezondheid. 

Er is zelfs een tuin waar de kinderen plantjes kunnen planten. Maar de topattractie is wel een grote waterbak waar je zelf met behulp van schuifjes stroomversnellingen kan maken. Quirijn krijgt er geen genoeg van. Maar ook aan de ouders is gedacht. Zo ontdekt Walewijn een nagemaakte voorkant van een vliegtuig. Daarachter blijkt een computer met een vluchtsimulatiespel te staan.


De waterbak. Plezier voor jong en oud.

LUXE, WEELDE EN GASTVRIJHEID
Van een boot zonder koelkast naar een huis waar je koud water
met ijsblokjes met een druk op de knop uit de koelkast tovert!
Mijn oom en tante zijn gearriveerd in Duck en komen ons ophalen uit Elizabeth City. We moeten zwemspullen meenemen en de was. 

We pakken de tassen in. We gaan op vakantie! Quirijn heeft al drie dagen geleden zijn koffertje klaargezet. Hij hoorde dat we gingen logeren in een huis. Nou dat laat hij zich niet twee keer zeggen.


We logeren 6 nachten in het appartement bij mijn oom en tante. We zijn omringd door luxe, maar ook enorme gastvrijheid. De koelkast en vriezer zijn volgepropt met lekkere dingen. We hebben een wasmachine en droger tot onze beschikking. Iedere dag een warme douche, airco en een ijsblokjesmachine. In de garage staan fietsen, kajaks, een zeilboot, tennisrackets, een heel scala aan strandspullen. 



En de omgeving is prachtig! We maken uitstapjes en gaan naar het strand. Quirijn voetbalt, tennist en vliegert met Walewijn en mijn oom. We kunnen boodschappen doen met de auto. Bezoeken en beklimmen een vuurtoren. 

We willen hier niet meer weg!







  



WILD HORSES
We worden ook nog getrakteerd op een uitje. Een tocht met een Hummer over het strand en door de duinen op zoek naar wilde paarden. Die paarden zijn hier 500 jaar geleden door de Spanjaarden van boord gezet toen zij voor de kust schipbreuk leden. Deze paarden leven sindsdien op de Outerbanks. Het bijzondere is dat dit ras sindsdien zuiver is gebleven.

We scheuren met de Hummer het strand op. Ongelofelijk, we zagen al eerder borden staan met 4wheel Beach. Gekke naam voor een strand dacht ik nog. Maar echt waar, hier hebben ze een strand dat bestemd is voor 4wheel drive bezitters. Je scheurt zo het strand op met je hele hebben en houwen en parkeert naast elkaar. Voordeel, de BBQ kan mee, de partytent, de mega koelboxen, de tuinset en een heel scala aan visgerei. Dit kan alleen in Amerika!

Maar goed...we gingen natuurlijk voor de wilde paarden. Dus de duinen in, tot grote schik van Quirijn. Met grote ogen en een brede grijns zat hij in zijn stoel. Voor ons was het uitje nu al geslaagd met of zonder paard. Maar de gids deed haar best om de paarden te zoeken. Ze spotte drollen en trapte het gas nog meer in. En ja hoor....iets verderop achter de bomen stonden 4 paarden. Uiteindelijk hebben we in totaal 12 paarden gezien. Dat was namelijk de opdracht die Quirijn van mijn tante kreeg. Tel de paarden.





NOG MEER BEZOEK
Toen mijn nicht hoorde van onze ontmoeting in de Outerbanks, heeft zij georganiseerd dat ze ook langs kon komen. Helemaal uit Chigago heeft zij op zondagochtend het vliegtuig genomen naar Norfolk. Daar een auto gehuurd en naar Duck gereden om dinsdagochtend weer te vertrekken en woensdagochtend gewoon weer aan het werk te gaan. Echt top!


Wat een verwennerij! We worden overladen met Nederlandse producten, zoals beschuit, kaas, ontbijtkoek en zelfs Fries suikerbrood. En Quirijn kan zijn geluk niet op (en Walewijn ook niet...) met Lego.

WRIGHT BROTHERS
Als je in de Outerbanks bent, dan moet je naar het Wright Brothers memorial park in Kitty Hawk. Op die plek hebben de gebroeders Wright op 17 december 1903 de allereerste gemotoriseerde vlucht gemaakt. 

Heel bijzonder om die plek te zien. Een plek waar een belangrijke geschiedenis is geschreven. Een geschiedenis die een grote vlucht heeft gemaakt.



Vier stenen markeren de landingsplaatsen van de vluchten die de gebroeders Wright maakten op 17 dec 1903. In de jaren voorafgaand testten ze diverse glijders (vliegtuigen zonder motor) en perfectioneerden in hun fietswinkel het ontwerp van hun vliegtuig.
 

Om misverstanden te voorkomen en om mijn oom en tante te eren, moeten we vermelden dat de gebroeders Wright uit Ohio kwamen en niet uit North Carolina. De gebroeders Wright hadden een fietsenwinkel in Dayton, de plaats waar mijn oom en tante in de buurt wonen. In die fietsenwinkel hebben de broers hun idee├źn voor een gemotoriseerd vliegtuigje uitgewerkt. Ze zijn vervolgens naar North Carolina gereden, vliegtuigen waren er toen nog niet ­čśÇ, vanwege de wind.

DANKWOORD
Lieve oom, tante en nicht, geweldig dat jullie helemaal afgereisd zijn naar Duck om ons te ontmoeten. Dank voor jullie gastvrijheid, gezelligheid, het lekkere eten, de uitstapjes en de kadootjes en Hollandse producten. Het was geweldig!









woensdag 13 juli 2016

MUURVAST OP DE ICW. NU HOREN WE ER PAS ECHT BIJ!

HUIZEN KIJKEN IN CHARLESTON
'Kijk nou in die straat ook'. We lopen vanaf onze ankerplaats naar de binnenstad van Charleston. De huizen om ons heen zijn van hout. Smal aan de straatkant, ver doorlopend naar achteren in diepe, groene tuinen. Aan de zijkant lopen over de volledige lengte veranda's, met altijd we een schommelstoel. Boven de veranda hangt een balkon, ook over de volle huislengte. 

Uhm... tja, deze voldoen dus niet aan mijn beschrijving...
Balkonnen aan de voorkant ?!

De meeste huizen zijn in puike staat. De auto's verraden dat de bewoners van ons wandelgebied het -financieel- goed hebben. En kennelijk laat je dat zien door 'Europees' te rijden. We zien Volvo, BMW, Audi, Porsche, Mini en Range Rover op de oprijlanen. 



Deze voldoet ook al niet aan mijn beschrijving. Maar fraai is het pand wel. 
Staat op het terrein van de Charleston College.  Daar wil je wel 
studeren, want het is er prachtig.



Van sommige huizen bladdert het verfwerk; het zijn de studentenhuizen van de Charleston College. De school die een prominente plek heeft in de oude stad. We zien veel fietsen in Charleston, hoewel de meeste studenten ook 'gewoon' over een auto beschikken. Een oude Chevy, Jeep of Chrysler.

Ta-daaaa... Hier dan twee panden met aan de zijkant een veranda (met echte voordeur, hebben ze allemaal. Erg grappig want als je door die deur gaat, sta je gewoon nog steeds buiten, maar dan op de veranda). de X C tekens vertellen dat het een studentenhuis is.... met in dit geval geen afbladderende verf. Klopt mijn beschrijving weer niet...!

Hier nog een voordeur naar de veranda.

Groene lanen, fraaie tuinen met kleurrijke perken en bloemen en (het blijft Amerika) met militaire precisie gemillimeterde en afgerande grasperken. Haast op iedere straathoek staan twee kerken. Later in de week, als we in de 'zwarte wijken' komen, zien we nog veel meer kerken. Van allerlei sub-groepen waar wij nog nooit van gehoord hebben. 

Downtown Charleston is het domein van de blanken en de grens met 'donkere' wijken is heel scherp. We zijn in Zuid Carolina, dus in een van de zuidelijke staten van Amerika, waar apartheid nog lang aan de orde was. Misschien speelt dat nog steeds op de achtergrond. We zien zelfs af en toe een vlag die ten tijde van de Amerikaanse burgeroorlog werd gevoerd door de zuidelijke staten.


Whahaha! Er zijn hier voetgangersoversteekplaatsen MET verkeerslichten. Maar ja, welke automobilist kijkt er nu naar een
 voetganger? Gelukkig hebben ze aan de verkeerslichten bakjes gehangen met oranje vlaggetjes. Als je oversteekt -met groen
 uiteraard- neem je voor de zekerheid een oranje vlaggetje mee. Maar oeps! Staan wij aan de ene kant van de straat, hangen
 alle vlaggetjes aan de andere kant. We hebben maar een taxi gebeld die ons naar de overkant bracht...


DE NIEUWE WERELD
Wij zijn altijd nieuwsgierig geweest naar de Amerikaanse oostkust. Dit is de plek waar Amerika 'begon'. Althans, in de Europese vertelling. Als we de indianen en anderen die ca 20.000 jaar geleden via de Bering Straat naar Amerika wandelden even buiten beschouwing laten, dan zijn het de Engelsen, Fransen, Spanjaarden en Hollanders die begin 16e eeuw voor het eerst voet aan wal zetten in het 'nieuwe land'. 

Per ongeluk overigens, want men was op zoek naar een kortere route richting China en stuitte per toeval op dit land. 

Diverse expedities werden ondernomen om 'de' doorgang te vinden naar de Pacifische Oceaan, maar die werd (logischerwijs) niet gevonden... Eigenlijk zou je dus kunnen stellen dat Amerika het gevolg is van een mislukking...



JA MAAR WALEWIJN, WAT MOETEN WIJ NOU WEER MET DIE OUWE MEUK?
Nou, wij maken deze zeilreis en vinden de onstaansgeschiedenis en ontwikkelingen in de landen die we bezoeken interessant en ja... jullie volgen nu eenmaal ons blog en dan 'moet' je maar gewoon meelezen in wat ons interesseert. Of je slaat die delen over dat kan natuurlijk ook. Om het je te vergemakkelijken, zal ik die delen cursief maken.

EERSTE STEDEN
Toen & nu. Boven Charleston na de
aardbeving eind 19e eeuw.
De eerste decennia in het nieuwe land verliepen niet rooskleurig. De Hollanders voerden wat handel met de indianen, maar de opbrengsten vielen tegen. De Fransen verscheepten enkele honderden mensen naar het nieuwe land, maar die werden uitgemoord door de Engelsen (die twee zijn nooit vrienden van elkaar geweest) en de Engelsen leden onder aanvallen van indianen en onder ziekte.

'Great Britannia' stichtte de eerste nederzettingen. Allemaal langs de oostkust en voornamelijk in 'Georgia' (naar King George) en Carolina (naar uhm...ja, dat blijkt dan ook weer naar King George; de latijnse betekenis van Carolana is weer koning George (ofzoiets)). 

Een aantal groeide uit tot steden die wij, onderweg naar New York, nu passeren. Met wat hulp van indianen lukte het de Britten om tabak te produceren en door flink te lobbyen in het moederland lukt het om investeringen vrij te krijgen om tabaksplantages te stichten. De tabakslobby van de afgelopen decennia is dus niets nieuws, dat gebeurt eigenlijk al vijf eeuwen. 


Quirijn bekijkt een maquette van de stad
De tabak werd een grote hit in Engeland en andere delen van Europa en rond de plantages ontstonden kleine nederzettingen die uitgroeiden tot steden als Sint Augustine, Jacksonville en Charleston. Tussen haakjes, het eerste schip dat slaven aanvoerde voor deze plantages, waren de Hollanders. Maar ach, in die tijd was 'iedereen slecht', dus uhm... who cares?

Charleston ontstond in 1663 en in de historische binnenstad die wij nu zien wanen we ons in de 18e of vroeg 19e eeuw. Maar eigenlijk is de huidige stad een decorstuk, want de stad is meerdere malen verwoest, o.a. door brand, Amerikaanse Burgeroorlog (die begon in Charleston), aardbeving en nog vrij recent door orkaan Hugo (1989, waarbij driekwart van de oude binnenstad werd verwoest).



PLONZEN IN HET PARK
Het bevalt ons prima in Charleston. Waarom ook niet? Op loopafstand van de ankerplek vinden we  'College Laudromat', waar we voor 3usd/load wasmachines hebben met warm water! Wat een luxe. Bovendien hebben ze er prima koffie. 


Wie wil er thuis nog een wasmachine??? Lekker chillen met goede koffie en je vrienden in Wasserette 2.0

Iets verderop ligt de Charleston College Campus, waar we iedere ochtend op een bankje onder de bomen onze administratie bijwerken met de free-WIFI. Daarna pakken we een gratis bus die ons door de historische stad naar een park rijdt, waar kinderen mogen spelen in de fontein. Het is erg warm deze dagen, dus Quirijn vermaakt zich geweldig in de fontein en zeker wanneer na een paar dagen ook zeilboot Arion arriveert en hij met Arthur en Alice kan spelen. Quirijn verbetert mij steeds als ik -Hollander- weer eens Arthur verkeert uitspreek. 'Nee Walewijn, het is niet arrrtuuur, het is aahhrthur'. Onze Brit.





'BICYCLES ARE NOT ALLOWED ON THIS BUS'
Reizend per zeilboot zijn we aan wal weinig mobiel. En dus aangewezen op faciliteiten op loopafstand van een ankerplek en/of lokaal vervoer. Een half uur lopen van de ankerplek is een supermarkt, maar dat is dan zo'n binnenstedelijke en dat staat garant voor hoge prijzen. We kopen bijna twee pond kersen voor 19,80 USD omdat we aan het bordje dachten te zien dat ze 4,50 USD kostten... Die gaan van de afrekenband linea recta terug naar af. Ook normale producten zijn duur maar we vinden uit dat er een openbare bus naar de rand van de stad gaat,waar zich een Wallmart bevindt. Daar liggen de prijzen lager.

'You are not allowed to take that bike. I call my supervisor'. De buschauffeuse schut haar hoofd als ze ons ziet aankomen. Quirijn's loopfiets mag niet mee. Al drie jaar gaat het ding zonder enig probleem in alle openbaar vervoer mee, ook in Charleston al diverse malen. Maar nee, nu mag het niet. Mevrouw belt haar 'supervisor' en vertelt dat mensen een fiets (!) willen meenemen in de bus. Tja, wat zegt zo iemand dan? 'My supervisor says no'. Hoe verrassend!
Ik vertel mevrouw met theatrale verbazing en verheven stem dat wij die loopfiets al jaren meenemen, ook in Charleston de afgelopen dagen. Hoe is dat mogelijk? 'Then they did not call their supervisor. I did' zegt mevrouw. Ze beticht mij vervolgens van agressie (wie mij een beetje kent, begrijpt hoe onlogisch dat is), gaat de politie bellen om mij op te laten pakken en heeft vele getuigen van mijn agressiviteit. Daarbij wijst ze naar een bankje waar drie ouderen ongeïnteresseerd voor zich uit zitten te staren.

Misschien is dit een leuke busmaatschappij voor mevrouw?

Hedda pakt het een stuk slimmer aan. Ze vist een boodschappentas uit haar tas en vouwt die om het achterwiel van de loopfiets. Mag het nu wel? Ja, nu mag het wel... (!?) Hoewel de hele fiets uit de tas steekt. En zo komen we na een busrit van een uur toch bij de Wallmart, waar we bovendien een nieuwe bijboot bestellen, die we anderhalve week later kunnen ophalen in Kitty Hawk, 150  mijl noordelijker waar we Hedda's oom en tante zullen bezoeken.


De bijboot die we de laatste maanden gebruikte is erg slecht geworden en inmiddels weer slechter dan onze eigen oude bijboot, die we voor de zekerheid nog bewaard hadden en nu weer goed van pas komt. 
Daarmee gaan we van 3x/dag hozen en 2x/dag 2 tubes oppompen, naar 2x/dag hozen en 2x/dag 1 tube oppompen. De oude bijboot (gekregen van Dick en Anita van de Kind of Blue, waarvoor nogmaals grote dank!) begint aan een derde leven en gaat naar een live-a-board-girl die helemaal geen bijboot heeft. En ja, een volledig lekke en watermakende bijboot is weer meer dan geen bijboot. Iedereen blij.




MOTORBOOT
Na een week Charleston varen we verder noordelijk. Het weer is nog steeds lastig. Eigenlijk zo lang als we al in de USA onderweg zijn. Als er wind is, dan is het te veel en/of uit de verkeerde hoek. Bovendien zijn er veel squalls met flinke regen en onweer. Iedere dag is er wel onweer om ons heen, vooral 's nachts natuurlijk goed zichtbaar. En dus maken we maar weer even gebruik van een weergat zonder wind om motorend een stap verder noord(oostelijk) te komen.

Maandagmiddag 27 juni verlaten we Charleston. We passeren Fort Sumter, waar de Amerikaanse burgeroorlog begon.
Fort Sumter. Lullig fortje eigenlijk... maar een groot aandeel in de USA historie, toen de zuiderlingen dit fort -in handen van de officiele regering, en die werd gezien als Noordelijk nadat de Zuidelingen hun eigen president kozen- beschoten.
Even schrikken. Tijdens de nachtwacht van Hedda belandt
er een vliegende vis in de kuip. Hij laat zich niet vangen
dus wachten we maar tot de volgende ochtend... als hij niet
meer beweegt.
Op zee is geen wind, maar staan nog wel aardige golven precies uit de richting waar wij op moeten. De antifouling onder onze boot is na negen maanden Carieb ook aardig uitgewerkt, dus het onderwaterschip zit onder de pokken en andere aangroei. Onze snelheid valt dan ook regelmatig onder 3,5 knopen, terwijl de motor flink staat te werken. Dit is geen doen zo. We varen een nacht door en kiezen ervoor om niet nog een nacht door te gaan richting Beaufort North Carolina, maar om bij Wilmington (135 mijl na Charleston) naar binnen te varen en verder te gaan over de ICW.





VAN ZEE NAAR ICW
Gekke luchten soms. Mooi om te zien, wat er meestal
na komt is minder prettig.
Dinsdagmiddag bereiken we Wilmington en pakken direct ons oude ICW (Inter Coastal Waterway) tempo weer op en varen zo ver mogelijk door. Om half acht komen we bij een brug die tot 19 uur draait, dus moeten we stoppen. Helaas zijn we in een groot gebied waar de ICW slechts bestaat uit een smal geultje dat maar moeizaam op de juiste diepte (3 meter) gehouden wordt en naast de geul is het direct heel ondiep. Bovendien bestaat de bodem uit grind, waar een anker lastig houdt. We doen een poging maar ons anker krabt, waarna we een stukje terug varen om te ankeren op een kruispunt van de ICW, een kreek en een kanaaltje naar huizen. We gooien het anker uit precies midden in de ICW vaargeul, jammer dan, iedereen die wil passeren moet maar om ons heen. We hangen een extra rondomschijnend licht op, zodat we goed zichtbaar zijn voor de sportboten die hier ook in het donker nog varen.

SCHUINLIGGER
Woensdagochtend staan we vroeg op, om de eerste brugopening van zeven uur te halen. Als ik buiten kom zie ik onze dieptemeter op '1.4' staan. Antares steekt 2.0 meter, maar de instelling van de dieptemeter is zo, dat we met 1.4 aan de grond lopen. Juist. We starten de motor en proberen los te komen, maar op een zandbodem gaat dit nu eenmaal minder makkelijk dan in de modder. Er komt geen beweging in en al snel zien we '1.3' op de meter. 

We zitten drie uur na hoog water, dus het water zal nog wel verder zakken en er zit niets anders op dan wachten totdat het water weer terug komt. Jammer, want als we niet pas om zeven uur door de brug konden, waren we om half zes vertrokken en hadden niet vastgezeten.

Een half uur later. Wij zijn inmiddels experts geworden in handen wuiven. We proberen daarmee, met succes, passerende boten langzaam te laten varen, zodat ze weinig golven maken. Niet iedereen ziet ons wuiven - of wil het zien - en een speedboot maakt flinke golven. Antares schuift daardoor opeens snel op een oor en blijft schuin liggen. Het ziet er niet prettig uit. Je verplaatsen aan boord is lastig omdat we zo schuin liggen en Hedda maakt zich grote zorgen over het vervolg; hoe veel schuiner komen we nog te liggen?




Als ik over de rand van de boot kijk, zie ik dat het onderwaterschip aan stuurboordzijde nu flink boven water ligt en ja... al die aangroei en pokken op het onderwaterschip... dat kan ik nu heel makkelijk verwijderen. Dus wil ik de bijboot in het water brengen om het onderwaterschip schoon te maken, maar Hedda voelt zich erg oncomfortabel in de huidige situatie en belt Tow Boat US, waar we een abonnement op hebben. We horen water in de boot stromen en inspectie wijst uit dat er in de natte cel (what's in the name?) heel veel water binnenkort. Help! Wat nu weer? Maken we water? Waar komt dat vandaan? Hedda bedenkt al snel dat het komt omdat de afsluiter van de gootsteen in de natte cel openstaat. Omdat we nu zo schuin liggen, stroom het water via de afvoer de boot binnen. We doen de afsluiter dicht en hozen de badkamer leeg.




Een kwartier later ligt de Tow Boat met 2x 140 pk al naast ons en is mijn onderwaterschipschraapkans helaas verkeken. Het sleepfestijn begint. Quirijn vindt het prachtig, eindelijk gebeurt er eens wat spannends. Tow Boat maakt vast aan onze voorpunt en zet dan de motoren aan het werk. Die zullen ons niet direct loskrijgen, maar de waterverplaatsing verplaatst het zand waar we op liggen. Zo gaat het een klein uur, waarna we nog steeds vastzitten, maar een stuk rechter op liggen. Pfoeh, dat is een stuk comfortabeler. We spreken af dat Tow Boat over twee uur terug komt - als het water weer stijgt. Helaas is mijn kans om het onderwaterschip schoon te maken nu verkeken, maar we zijn blij dat we in een comfortabelere positie liggen. Er vaart een zeilboot aan ons voorbij, op vijf meter (!) afstand van waar wij liggen. Zo dicht liggen we bij het ICW geultje. Maar wij kunnen geen kant op. Bizar is dat.





Je hebt 'Tow Boat US', met rode sleepboten en 'Sea Tow' met gele boten. Sinds
het sleepfeest sleept ook Quirijn wat af met zijn Lego boten.
Twee uur later is de Tow Boat weer terug, nadat hij ondertussen nog een boot met kapotte motor heeft geholpen en een andere boot heeft losgesleept 'yeah, it's always crazy along this ICW track' zijn wij weer aan de beurt. Slepen vanaf de voorkant lukt nog steeds niet, waarna we het achteruit proberen. Dat gaat direct goed, binnen no time zijn we los. 

Woehoe! Het is heerlijk om weer vrij te zijn en met een vertraging van vijf uur vervolgen we onze weg naar Beaufort. 

Vastzitten & slepen hoort er nu eenmaal bij op de ICW. Een van de eerste vragen die ons steevast wordt gesteld als we andere zeilers op de ICW tegenkomen is 'hoe diep steken jullie' gevolgd door 'hoe vaak hebben jullie al vastgezeten?' Toch zijn we erg blij dat we weer voldoende water onder de kiel hebben.

En hij houdt een schuin oog op de kaartplotter. 'Iets naar de andere kant Walewijn' klinkt er dan van achter
de navigatietafel.
 



SCHIETOEFENINGEN
We leggen die woensdag toch nog ruim vijftig mijl af en ankeren tegen de avond in een kreek, die door de US Marine is uitgegraven op een diepte van 3,5 meter. Kijk, dat vinden we wel even lekker. De kreek wordt van tijd tot tijd door de marine gebruikt, dus het zou kunnen dat we zo maar weggestuurd worden, ook midden in de nacht. Mocht dat voor de veiligheid van de US noodzakelijk geacht worden. Wij geloven het wel en vinden het vooral heerlijk om weer lekker veel water onder de kiel te hebben, de hele dag was de ICW route erg ondiep en voeren we met een oog op de dieptemeter.

Na een heerlijk rustige nacht geven we onszelf een ochtend vrij en gaan pas om 10 uur weer ankerop. Dat is maar goed ook, zo blijkt een half uur later. 'Liggen die nou voor anker daar?' zegt Hedda en wijst op twee boten midden in het kanaal. 'Ja' is het antwoord als we dichterbij komen en ze liggen voor een brug, dus dat beloofd weinig goeds. Gelukkig blijkt de brug niet kapot, maar gesloten vanwege schietoefeningen. Aha. We hoorden al geknal dat op het dagelijkse onweer leek, maar net anders klonk. Even later lijkt het of we in Irak zijn beland, met knoepers van klappers in de duinen om ons heen. Er vliegen legerhelikopters over, legertrucks banjeren tussen de bomen door het zand en aan het kanaal staat een militair in legerpak... te vissen. Heel gemoedelijk op de hurken, hengel op de knie en elleboog op de andere knie. Zou hij een ochtend vrij hebben, of regelt hij het diner voor zijn bataljon vanavond?


Gewoon de andere kant opkijken... en bukken.
Om twaalf uur gaat de brug open en kunnen we door, hoewel de rode lampen nog knipperen boven het bord dat zegt dat je absoluut niet door mag varen als de rode lampen branden, omdat je dan midden in het schietgebeuren beland. Een van onze mede wachtenden vraagt via de marifoon aan de brugwachter of we wel echt door mogen, ivm de knipperende lampen enzo, en mevrouw antwoord 'Well, I was told by the army that I could open the bridge at noon, so I open the bridge at noon' waarna iedereen, wij incluis, schouderophalend zijn weg vervolgd.










MOREHEAD CITY
Quirijn nog een laatste keer met de Arion's op pad.
Zonder kogelgaten bereiken we Morehead City, waar we al van verre de Arion op de kant zien staan. Zij zijn het water uit vanwege schroefas problemen en hun standplaats biedt een riant uitzicht op het vuurwerk dat op 4 juli (onafhankelijkheidsdag) wordt afgestoken. 

We blijven een dagje, doen boodschappen bij de Wallmart -deze keer met een hele aardige buschauffeuse die op de terugweg nota bene een omweg rijdt om ons voor onze bijboot af te zetten met alle boodschappen-  en hebben 's avonds een dinertje met de Arions aan boord van Antares. 




Waarschijnlijk zien we de Arion's niet meer, want wij moeten door naar de Outer Banks bij Cape Hatteras, waar we de tante en oom van Hedda gaan bezoeken. Terwijl wij daar een week liggen, zal de Arion ons passeren en die moeten haast maken omdat zij begin augustus de boot boven New York achterlaten en naar Engeland teruggaan.

Samen naar Cars I kijken. Ha! Die Bliksem Mcqueen neemt zo allemaal te grazen.