dinsdag 16 september 2014

Tobben in een tobbe

De vakanties in Nederland zijn voorbij, dat lijkt ons een goed moment om een inkijkje te geven in ons cruisersleven. Zie het als steunbetuiging aan jullie, lezers, die hun zomervakantie al haast vergeten zijn en weer volledig ondergedompeld zijn in werk, studie of school. Want zo mooi relaxed als jullie denken dat wij het hebben, zo is het niet hoor. Een bericht dus om jullie te verlossen van een –onnodig en onterecht- gevoel van jaloezie.

Vakantie?
Heb medelijden met ons! Wat wij doen is allesbehalve een tweejarige vakantie. We merken dat dit voor sommige thuisblijvers echter moeilijk is voor te stellen. En ik moet toegeven, de foto’s die wij plaatsen op onze blog, helpen niet om jullie het beeld van een tweejarig strafkamp in te prenten. Om daar nog maar eens een schepje bovenop te doen, verderop in dit blogbericht een aantal plaatjes van ons bezoek aan het eiland Cies, een van de natuurreservaten voor de Spaanse kust. Wat een prachtig eiland! En ja, ook die foto’s stralen een eeuwigdurende vakantiesfeer uit, ik weet, ik weet… Op minder aangename momenten, die we regelmatig hebben,  grijpen wij simpelweg niet naar ons fototoestel. Moeten we maar eens doen.

Hoe omschrijven we dan ons cruisersleven? In 2004 lazen wij een pakkende omschrijving in het boek ‘400 maandagen’ van Hans-Elias de Bree. De Bree beschrijft (de voorbereiding van) een zeilreis die hij samen met zijn vriendin maakte. Wij vinden het boek een aanrader voor wie een realistisch beeld wil krijgen van een zeilreis en voor wie zelf ook met het plan rondloopt. In het voorwoord schrijft De Bree: ‘Een vriend van mij schreef ‘Als je honger hebt gooi je een lijntje uit, als je moe bent ga je slapen, als je het warm hebt spring je overboord en natuurlijk driemaal per dag seks’. Die beschrijving lijkt niet alleen een droom, maar is dat ook. Want de werkelijkheid is net even anders. In plaats van alle dagen zondag is het zeven dagen per week maandag: je bent altijd druk met het onderhoud van de boot, je hebt de zorg of het anker houdt en bent altijd met het weer bezig. Verder is een boot klein voor twee ego’s. …. Dat klinkt misschien negatief maar het feit is: je moet werken voor een reis als deze’ .

Wij ervaren het ook zo. Er is altijd, altijd, werk te doen. Het dagelijks onderhoud aan boot en uitrusting, reparaties, voorbereiding van de volgende tocht, in iedere haven uitpuzzelen waar je terecht kunt voor … noem maar op… (we lopen regelmatig kilometers langs drukke autowegen naar een of andere speciaalzaak), weerberichten binnenhalen om in te schatten of we nog wel veilig op een ankerplaats liggen en wanneer we wel/niet kunnen/moeten vertrekken voor een volgende etappe. Natuurlijk ook de gewone huishoudelijke werkzaamheden, maar boodschappen doen neemt hier zo een have dag in beslag (grote supermarkten liggen per definitie aan de andere kant van de stad) en kleding wassen makkelijk een dag. Voor wie echt wil weten hoe dat wassen gaat, in het blogbericht 'Maandag Wasdag' (direct onder het blogbericht dat je nu leest) een uiteenzetting. Ik raad niemand aan om dat te lezen, het is een erg lang verhaal. Maar goed, mocht je je niet kunnen bedwingen, zie  'Maandag Wasdag'. Verder kost het uploaden van een blogbericht al snel 3 a 4 uur door alle foto’s, exclusief de tijd die nodig is om überhaupt internetverbinding te maken en nadat de zwakke verbinding weer verbreekt, opnieuw te maken.

Naast het werk is er de zorg of alles wel heel blijft en zo niet hoe we dan eea kunnen repareren, of we niet in zwaar weer terecht komen, het varen in de mist, aanlopen van havens met brekende golven in de haveningang, de spanning die we voelen iedere keer als we een donkere nacht invaren, zorgen over onze kosten in relatie tot onze begroting, redden we het met elkaar wel (een boot is klein), zorgen over het weer dat zich al tijden niet houdt aan het normale patroon en wat dit dan betekent voor het vervolg van onze reis, zeker voor straks de grote oversteek van de oceaan maar ook eerder al naar de Canarische Eilanden en de Kaapverden...  en gebroken nachten als de boot door golven en deining erg rolt op een ankerplaats of als de wind ’s nachts aantrekt.

Klagen wij? Nee zeg! Wij wisten vooraf waar we aan begonnen. Maar we kijken elkaar nog wel eens met grote ogen aan, als ons uitspraken bereiken zoals ‘nou, nog een fijne vakantie verder’ of zoals ‘goh, ik zou zo graag met jullie willen ruilen zeg’ van iemand waarvan we weten dat hij ’s nachts op de camping naar een toiletgebouw lopen al gedoe vindt.

Naaiwerk
Ah ja, en de komende tijd hebben we een nieuwe categorie klussen: naaiwerk. We kochten verschillende kleuren stof en band en met onze naaimachine gaan we de komende tijd helemaal los. Wat staat er momenteel op onze naailijst? Drie sjorbanden stikken op de dekhoes van onze bijboot, verlengen van zes sjorbanden voor (en reparaties aan) de huik (dat is de hoes die over het grootzeil zit als we niet zeilen), nieuwe ritsen naaien in een bijboottas, vier banden van de bimini (zonnetent boven onze kuip) vervangen… te dik voor de naaimachine dus dat wordt handwerk <1 GEREED, was 4 ½ uur werk, drie te gaan>, vlaggetje van de joon (google dat maar) repareren <GEREED>, broeken korter maken, zeventien gastenvlaggetjes maken.

Onze naailijst zal groeien, sommige ingewikkelde klussen zetten we er nog maar even niet op. Eerst oefenen met eenvoudiger werk. Zo willen we een hele nieuwe huik maken, maar dat is zo veel werk, die komt voorlopig niet op de naailijst. Ook moet er een hoes komen over de tubes van de bijboot, om de boot tegen UV te beschermen als hij in het water ligt. Dat wordt een hele klus.

Landenvlaggen
De gastenvlaggetjes verdienen uitleg voor niet-zeilers. Als je met je boot een ander land bezoekt, hang je een vlaggetje van dat land onder de stuurboord zaling (zeg maar, naast de mast). Dat betekent dat we voor ieder land dat we bezoeken een gastenvlaggetje nodig hebben. GB, F en B hadden we al van vorige tochten, E en P kochten we voor vertrek. Maar om nu voor de komende 17 of meer nog te bezoeken landen vlaggen te kopen, dat wordt te kostbaar. Bovendien is het ook aardig om zelf de vlaggetjes te maken.

Lilian (van de Win2Win, een andere Nederlandse zeilboot die ook onderweg is) geeft ons tips mee, vol goede moed gaan we aan de slag. Marokko. Ik (Walewijn) krijg de instellingen van de naaimachine niet in orde, mijn draad loopt steeds vast. Hedda dan… Eerst het rode basisvlak maken. Eerste zijde van het vlak afstikken… halverwege loopt naaimachine vast. Krrrrr…. Knip, worstel, opnieuw… zit er in. Hmmm… vergeten de zoom dubbel te nemen, dus met rafelrand. Knippen we later bij. Zijde twee. Hee, da’s gek, nu staat de naaimachine plotseling op zigzag stand. Ziet er gek uit. Nu ja, als ie straks hoog onder de zaling hangt, zie je dat niet meer… Zijde drie… rechte steek nu. Mooi. Maar de draad zwalkt over het lapje alsof ie net een halve liter Port achter de kiezen heeft. De rode basis is gereed, inclusief bevestigingskoort om straks onder de zaling te hangen. Straks de groene ster nog, dat wordt een uitdaging. We weten nu al dat we het resultaat van onze eerste naaiarbeid niet aan Lilian durven te laten zien, maar het is voor ons bruikbaar. Bovendien ook een goede oefening voor de uitdagingen die ons nog te wachten staan.

Als je vlaggennaaier bent, kijk je met een andere ogen naar landenvlaggen. We bladeren door ons boek ‘World Cruising Destinations’ waar alle landenvlaggetjes in staan. We worden er stil van. Vooral in de Cariebeanen is men creatief geweest in het bedenken van landenvlaggen, alsof eeuwen koloniaal bewind moest worden afgeschut met een onmogelijk ingewikkelde vlag. Google maar eens op ‘Anguilla’ of ‘Grenada’. En dan deze: ‘Dominica’ … we moeten gaan papagaaiborduren! Even overwegen we om alleen landen met eenvoudige vlag te bezoeken … maar dan blijft er in de Carieb weinig over. Vlagtechnisch is ‘Libië’ overigens een geweldige vaarbestemming; een groen vlak, verder niets.
Het wordt nog een hele klus alle landen te maken. Gelukkig hebben we ook een aantal bonusbestemmingen: in ‘Guadeloupe’ en ‘Martinique’ kunnen we met onze Franse gastenvlag uit de voeten en in de Nederlandse bovenwindse eilanden (Saba, St Eustatius en Sint Maarten)waait  weliswaar niet de Nederlandse vlag, maar die drie eilanden hebben dan weer wel een en dezelfde gastenvlag, dus dat is drie eilanden voor de prijs (of in ons geval, het werk) van één.

Isla Cies
Tijd voor wat vakantiefoto’s. Zoals gezegd, Cies was prachtig! Zie onder  het resultaat van 3,5 uur foto’s uploaden. Met excuses voor de layout, ik krijg de foto's nooit mooi ingevoegd in blogger.



 














Porto forever?
Wij (en jullie) noemen ons zeilers, of cruisers zoals dat internationaal heet. Maar je zou ons momenteel net zo goed liggers kunnen noemen. We liggen wat af hoor. Begin september lagen we in Baiona (Spanje) een week voor anker te wachten op de wind die in deze regio altijd vanuit het noorden waait, ze hebben er zelfs een naam voor: de Portugese Noord. Wij moeten naar het zuiden, dus noordenwind is ideaal. Maar de Portugese Noord waaide uit zuid. We hebben een windloze dag gebruikt om maar snel naar Porto te motoren. Daar liggen we weer dagen lang.

Wij hadden overigens al een mooie tien-jaar-oude Port gescoord voor we in Porto aankwamen. Acht mijl voor onze aankomst in Porto zagen we in de verte een zeilboot dobberen en door de verrekijker zag ik dat de opvarende onze aandacht probeerde te krijgen. Deze Engelsman was vijf dagen eerder uit Falmouth vertrokken en na te veel wind had hij een aantal dagen te weinig wind (what’s new?). Hij was door zijn brandstof heen en dobberde op zee. Voor hem lag een nacht in windstilte op zee, met mist. We hebben hem twee en half uur achter Antares aangesleept naar Porto en als dank ontvingen we de mooie port.

In Porto liggen we in een jachthaven die veel te hip is voor ons. Iedere middag staat het parkeerterrein naast de jachtclub vol met auto’s van Portoianen die hier hip komen doen en zich met champagne en hapjes op het terras nestelen. In trendy outfit en met de laatste zonnebril doen zij een middagje yachtieleven. Wij yachties daarentegen, slipperklapperen in onze weken niet gewassen vale kloffie langs het terras met onder de ene arme een vuilniszakje en onder de andere een handdoekje. Even douchen, was toch alweer een dag of uhm… negen geleden (geen zorg we wassen ons wel hoor). Het contrasteert hier nogal, zeg maar.

De Portugese Noord blijft vrolijk uit het zuiden waaien en we rekenen er op dat we nog zeker een week, maar waarschijnlijk twee weken, in Porto moeten blijven liggen. Het is onduidelijk of de Portugese Noord daarna terugkomt of dat de Portugese Zuid (zelf bedacht, nog geen Portugees die daar op is gekomen...) blijft staan. Kunnen we nog niet weg. Dat gaf Hedda al het gevoel 'hier nooooit meer weg te komen'. Ja, zij kan er wat van. Stad-technisch zou dat trouwens allesbehalve een straf zijn. We zijn verliefd geworden op deze mooie stad en raden iedereen aan om eens een stedentrip te maken. En gebruik dan deze kaart http://porto.use-it.travel/. Die leidt je buiten alle toeristen om naar de plekken waar de locals komen.

lokale wasserette in Porto... zo kan het ook

blitse parkeergarage uit jaren 1920!
interieur parkeergarage

... met Fiat 500 aan de muur

Vintage lunchplek

Universiteit



kerk met alles in goud




station
















En dooooorrrrrrrrrrr…..
Het mooie van de Portugese kust is, dat er zo’n beetje iedere 35 a 45 mijl wel een haven ligt die aangelopen kan worden. Een aantal havenaanlopen is bovendien de laatste jaren verbeterd door middel van nieuwe (verlengde) pieren. Verder is het een overzichtelijke kust, met weinig ondieptes en rotspartijen, waardoor de navigatie vrij eenvoudig is. Als de wind ook nog eens uit het noorden zou waaien (zoals ie dus normaliter doet), dan zou het een hele relaxte zeilkust zijn.

Op (de nare) dinsdag 9 september vinden we echter een dag waarop de zuidenwind even wat minder hard blaast. We vetrekken naar een haven 45 mijl verderop waarvan ik nu al de naam niet meer weet. De rustige weerssituatie blijft nog wat langer bestaan en daarom besluiten we een nacht door te varen en komen de volgende ochtend 06.30 uur in Peniche aan. Lastige aanloop in het donker omdat er zo veel visnetten (aangegeven met onverlichte kleine boeitjes of jerrycans) voor de kust van deze vissersplaats liggen, maar het gaat allemaal goed. In Peniche ziet het er naar uit dat we hier zeker een week, waarschijnlijk een kleine twee weken moeten wachten totdat de zuiden wind weer wat minder hard waait en deining en golven acceptabel zijn om verder te varen. Dat is iets meer straf dan Porto, want Peniche hebben we gauw gezien. En dan ontstaat er weer een klein gaatje (weather window) en varen we afgelopen zaterdag door naar Oeiras. Dat ligt aan de monding van de Taag, vlakbij Lissabon. Daar liggen we nu twee dagen en daar blijven we nog wel een week. Vanwege het weer, natuurlijk ook omdat we de stad gaan bezoeken (gisterenavond zijn we al even naar Cascais geweest) en verder, dat weten jullie inmiddels, om klussen te doen, de was te doen etcetera.

Vervolg
Maar ondertussen tikt de tijd door... Het is ongeveer 150 mijl varen naar de Algarve. We zitten al weer te rekenen en te plannen (wat niet kan, omdat we geen invloed hebben op de weersomstandigheden) ... begin oktober krijgen we bezoek in de Algarve... halen we dat wel? Normaal gesproken moet dat geen probleem zijn, maar met die Portugese Zuid kun je geen plannen meer maken. Het kan nog spannend worden als het over anderhalve week, twee weken, nog steeds hard uit het zuiden waait. Zo tobben wat af in onze varende tobbe en verlangen af en toe naar vakantie. Ach, het geeft jullie een mooie inkijk in ons cruisersleven. Of in ons ‘tobbersleven’. Want zo zou het eigenlijk moeten heten, het leven dat wij lijden.


Met groet, de tobbers.

4 opmerkingen:

  1. Weer genoten van jullie belevenissen!
    Waal, als jullie zijn uitgetobt, wil je dan alsjeblieft schrijver worden!?
    Geniet!

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Beste Walewijn,

    Dank voor weer een vermakelijk stuk.
    Maar omdat de kans bestaat dat het boek "World Cruising Destinations" van vóór 2010 is, even een tip: Bonaire, St Eustatius en Saba (de zgn BES-eilanden) vormen sinds 10 oktober 2010 samen Caribisch Nederland. En daar waait gewoon de Nederlandse vlag. Een gastenvlag voeren is dan vergelijkbaar met de situatie op de Fluessen en het IJ: er zijn zeker inboorlingen te vinden die het zullen waarderen als het lokale dundoek fier in jullie stuurboordswant wappert, maar nodig is het niet.
    [zie http://www.rijksdienstcn.com/rijksdienst-caribisch-nederland/veranderingen-per-10-10-10 en https://nl.wikipedia.org/wiki/Caribisch_Nederland als je weer ergens een internetverbinding treft]

    Vriendelijke groet,

    Jaap

    BeantwoordenVerwijderen
  3. Ha Walewijn, genoten van je was perikelen, we zijn in de buurt, Camarinas en zaterdag of zondag hopen we net als jullie verder zuid te kunnnen, tot in Portimao?
    Cees en Ankie
    a/b Nomas

    BeantwoordenVerwijderen
  4. Vanmorgen, onze tijd, gekeken en jullie waren onderweg, wij toen ook. Naar thuisfront na mooie vakantie, een echte vakantie, in tegenstelling tot wat msicchien sommigen van jullie's reis denken. Wasmachine en droger! Verscheidenen keren geprobeerd berichtje te versturen, maar kwam iedere keer op Google blogger, wachtwoord enz invoeren. Volgens mij heeft dit iets met iPad te maken. Ondertussen zijn jullie weer ergens in een haven. Goede reis gehad? Tot volgend bericht, heel veel liefs.

    BeantwoordenVerwijderen