dinsdag 19 januari 2016

VAN GOLDEN ROCK NAAR GOLDEN PALACE

1776. Sint Eustatius... Het eiland Sint Eustatius is in de 18e eeuw uitgegroeid tot de handelshoofdstad van de West Indies en een van de drukste havens ter wereld. Er lagen toen wel 300 zeilschepen voor anker, waar wij nu -samen met De Verleiding- de enige zijn. Er was van alles te krijgen; zilver, goud, slaven, wapens, tabak, suiker, katoen. Het was de tijd van veel spanning tussen de Europese landen.


Nederlandse en Eustatiaanse
vlag gebroederlijk naast elkaaar

'Uhm... Walewijn, wat moeten wij met zo'n verhaal? Wat kan ons dat nou allemaal schelen?', zult u denken. Nou, dat zit zo. Omdat u sinds ons vorige blog uit volle borst 'Rule Britannia' kunt zingen -en dat natuurlijk uit volle borst doet bij bakker, Albert Heyn en in de streekbus- loopt u kans door omstanders benadert te worden met de vraag wat-die-Britten-van-u-dan-zo-geweldig-hebben-uitgespookt-dat-ze-uit-naam-der-Engelen (niet Engelsen)-toegezongen-dienen-te-worden. Daarom in dit blogbericht een uiteenzetting van een van die verhalen, zodat u goed uit de hoek komt. 

En dat komt net mooi uit, want Sint Eustatius, waar wij samen met Ron en Joce van De Verleiding oud en nieuw vieren, biedt zo'n verhaal die de door God en zijn engelen afgeroepen grootsheid van de British Navy in de 18e eeuw in al haar trots en glorie tentoonspreidt... Ten koste van de Hollanders, dat moet ik er wel even bij vermelden. Maar ja, iemand moet natuurlijk met lijdend voorwerp zijn van de eer en glorie van onze overburen. Gaan we dan...


Brittannië probeerde in die tijd tevergeefs de vorming van Amerika tegen te houden. De spanning steeg, de Europese landen sloten hun koloniën af voor handel met rivaliserende landen, door hoge belastingen en andere blokkades op te werpen. De Hollanders daarentegen (misschien bedoelde Balkenende dit wel met zijn 'VOC mentaliteit', hoewel hij in dat geval de WIC had moeten aanhalen) bleven neutraal en maakte van Sint Eustatius een vrijhaven. Je kon er alles verhandelen en kreeg er officiële handelspapieren erbij. Hierdoor konden landen die niet met elkaar mochten handelen, met Sint Eustatius handelen en via deze omweg toch goederen van elkaar kopen. Zo produceerde Eustatius in 1770 bijvoorbeeld 300.000 kilo suiker, maar voerde 10 miljoen kilo uit. Het was een officiële smokkelplaats geworden en de circa 8000 inwoners werden steenrijk. Eustatius kreeg de bijnaam 'Golden Rock'.

Andrew Doria voor Eustatius
In november 1776 voer het handelsschip 'Andrew Doria' de haven binnen en gaf bij aankomst saluutschoten. Gouverneur de Graaff liet dat beantwoorden met saluutschoten. Hoewel het een handelsschip betrof, stond het onder commando van een Amerikaanse marine kapitein, voer het de Amerikaanse vlag en er was een kopie van de door de 'Amerikaanse rebellen' opgestelde onafhankelijkheidsverklaring aan boord. Met de reactie van De Graaf werd Eustatius het eerste land dat de onafhankelijkheid van de Verenigde Staten bevestigde.





Begraafplaats Admiraal Krul, omgekomen bij een
aanval van een konvooi 'rijk geladen'
Nederlandse schepen, door Rodney &co.
De Britten waren niet zo te spreken over deze actie en nog minder toen het betreffende schip later bij Eustatius een Brits schip enterde en meenam naar Amerika. Dat, samen met het feit dat Eustatius munitie verkocht aan de Amerikaanse rebellen (kruit in vaten met  o.a. opschriften 'tea' en 'rijst') leidde tot een oorlog tussen Brittannië en Holland.

Admiraal Rodney werd met een vloot naar Eustatius gestuurd en bij aankomst in 1781 gaf gouverneur De Graaff Eustatius over aan de Britten... Wellicht ging de aankomst van Rodney gepaard met het lied 'Rule Brittania!' Rodney confisqueerde alle schepen, opslagruimtes en warenhuizen op Eustatius maar hij vond veel minder geld en andere kostbaarheden dan hij verwachtte. Het viel hem wel op dat er voor zo'n kleine gemeenschap op Eustatius erg veel begrafenissen waren. Hij liet een begrafenisstoet stoppen en de lijkkist openen. Die lag vol met geld en juwelen. Hij liet de graven van recente begrafenissen openen en bingo. Ook vol kostbaarheden. Rodney was furieus en liet 100 mannen oppakken en naar Sint Kits deporteren, het eiland naast Eustatius. De mannen werden nog gefouilleerd en in hun kleding bleken verborgen vakken genaaid vol met geld.


Onze VRIEND (hee, kom, wij aanhangers van de British Navy!) Rodney stal de kostbaarheden en veilde goederen en bezittingen van de eilanders. De opbrengsten van al het roven leverde Rodney en zijn bemanning een fortuin op. Dit overigens ten onvrede van ook enkele Britse inwoners van Eustatius wiens eigendommen tevens ontnomen waren. Rodney werd voor het gerecht gedaagd in Brittannië en in het Britse parlement werd vol ophef en afschuw over zijn daden gesproken. Maar, gelukkig voor onze vriend, won hij korte tijd later een voor Brittannië cruciale zeeslag 'Battle of the Saintes', waarna alles hem werd vergeven.
herdenkingsplaat, door de 'zonen van de Amerikaanse revolutie'.
Uiteraard hebben ook 'de dochters van...' hun eigen monument.


Eustatius (en de USA natuurlijk ook) is nog altijd trots op het feit dat zij als eerste de onafhankelijkheid van de Verenigde Staten erkende. We zien op het eiland wel twaalf monumenten, er is kennelijk iedere vijf of tien jaar wel weer een reden om een nieuwe herdenkingstegel te onthullen, al is het maar ter meerdere eer en glorie van je eigen organisatie. 
Ook viert men jaarlijks op 16 november Statia-Amerika dag.



Antares tussen de ruines door van wat ooit een van de belangrijkste steden was in de West Indies. De oude bakstenen die we hier nog veel zien, zijn in de 17e en 18e eeuw met de Hollandse schepen meegekomen en werden aan boord als ballast gebruikt. We zagen het in Suriname ook veel. 

Onderweg van St Kits naar Eustatius. De vulkaan van Eustatius is al te zien aan de horizon.

TWEE GEZICHTEN
In het oude centrum van Oranjestad lijkt het of we op Terschelling zijn. Historische panden in Hollandse stijl, Nederlandse klinkerbestrating inclusief troitoirbanden, een dorpsbibliotheek, de unit 'Culturele en Maatschappelijke Ondersteuning'. De Nederlandse vlag wappert op het fort, naast de vlag van Eustatius. 

Twee straten verder lopen we in de Caraïben. We horen Caraibisch Engels en Spaans, zien Caraibische woonhuizen, brokkelige asfaltstraten met diepe kuilen, rommel in de tuinen. Een dikke mevrouw maakt in haar ondergoed zittend op een steen aan de straatkant ongegeneerd ruzie met een man in het huis achter haar rug. Ze schreeuwen om de afstand tussen hen te overbruggen en om boven de op het erf geparkeerde oude Chevrolet met keiharde boem-boem muziek uit te komen. Kennelijk doen ze dit vaak zo, het oogt routineus.


Zelfs een auto met NL kenteken!
De eigenaars zijn vorige maand
naar Eustatius geemigreerd.












Sinds 2010 is Sint Eustatius een Nederlandse gemeente, net als Bonaire en het nabijgelegen Saba. We zien die formele status alleen af aan de officiële instanties. Ambulances, brandweerauto's en politieauto's in Nederlandse striping. Inclusief stickers; 'waakzaam en dienstbaar'. De bevolking heeft echter weinig affiniteit met Nederland. Zij spreken Engels en Spaans. Nederlands is ooit wel op school geleerd, maar werd verder nergens gesproken dus zakt weg. Spaanstalige en Engelstalige landen zijn voor veel Eustatianen stukken interessanter dan het verre Nederland, zo leren we uit de gesprekken die we voeren.

Gek hoor! Een Nederlands gestreepte politieauto in een Caribische omgeving



Hedda maakt appelflappen. Die zijn
heerlijk en in het juiste vet gebakken.

Op Eustatius vieren we samen met Ron en Joce van De Verleiding oud en nieuw, met oliebollen! Ze smaken niet al te best; gebakken in oude olie. Maar mijn drang naar oliebollen is zo groot, dat ik wel twee oliebollen eet. Dat had ik beter niet kunnen doen, nieuwjaarsdag breng ik grotendeels ziek in bed door. Niet van de drank, ik heb de hele avond water gedronken en na middernacht twee slokken Champagne.

Vuurwerk op de Antares
 

Oudjaarsdag. Een terras met een prachtig uitzicht... er zit inderdaad niemand, komt dat iedereen naar de waterkant
is gelopen om die mooie zeilboot daar te bewonderen.


Op 2 januari bezoeken we weer Eustatius, onder andere een museum over de geschiedenis, het fort, dat mooi uitkijkt over de baai en de ruines van de Gereformeerde Kerk. Hier wat plaatjes.






Quirijn is niet de eerste beroemde zeiler die het eiland aandoet.






VULKAANEILANDEN
Even een weekje terug in de tijd. Vanaf Antigua zeilen we eind december in een lange dag naar Sint Kits, 64 mijl varen. We varen pal voor de wind en schommelen van gangboord tot gangboord, net zoals we deden tijdens de oversteek van de Atlantische Oceaan, tussen Kaap Verden en Suriname. Niet onze favoriete koers. Je kunt bij rustig weer tussen Kits en Nevis doorvaren, maar vandaag staat er ruim boven 20 knopen wind en de zee bouwt zich aardig op naarmate we Kits naderen. We besluiten via de zuidkant van Nevis te varen, wat weliswaar vijftien mijl extra varen is maar wel zo veilig.


Onderweg naar St Kits en Nevis, met een regenboog recht voor de boeg. Alsof we onder een brug doorvaren.



Onderhoud op Antares.
Quirijn repareert het railingnet
Na de fraaie kleuren aan de westkust van Antigua vinden we Kits en Nevis grijs en stenig. Kits&Nevis zijn vulkaaneilanden, waar Antigua (net als eilanden als Sint Maarten, Sint Barths en het oostelijk deel van Guadeloupe) ontstaan is door schuivende continentale platen. Het verschil in karakter is groot. De vulkaaneilanden zijn overwegend ruig en rotsig en direct uit de kust is de zee honderden meters diep. De continentaalplaateilanden (tja, hoe moet ik die anders noemen?) zijn vrij vlak en lopen heel geleidelijk af in de oceaan. Ver uit de kust is het er nog vrij ondiep, wat resulteert in fraaie kusten met veel stranden en prachtig blauwgroen zeewater.
Marifooncontact met een cruiseschip.
Even de koersen afstemmen.

We ankeren in White House Bay aan de zuidkant van Sint Kits en als we de volgende ochtend om ons heen kijken en wat verder langs de kust scharrelen op weg naar de hoofdstad om in te klaren, besluiten we Sint Kits maar over te slaan. We hebben met de zuidelijke eilanden in de Carieb al zo veel fraaie en behoorlijk authentieke plekken gezien, dat we Sint Kits vinden tegenvallen en doorvaren naar Sint Eustatius. Scheelt weer inklaringskosten, waarmee we de belachelijke extra kosten op Anitgua wat compenseren.


Een bui met veel regen en wind ontneemt het zicht op St Kits.
Hedda en Quirijn vluchten naar binnen en ik sta in de regen te sturen. 


ST BARTHS
Lekker cruisen. Onderweg naar St Barths
met een rustig windje en zeetje
De ankerplek van Sint Eustatius ligt behoorlijk onbeschut en de eerste vier dagen rollen we behoorlijk, daarna wordt het ernstig. We moeten onszelf vasthouden aan boord, alles vast zetten en ondanks dat klettert er geregeld een kopje of volle afwasbak op de grond. We voelen ons katterig aan boord en vluchten naar de wal. We slapen een aantal dagen slecht vanwege het geslinger. Wij hebben nog een achterlijn uitstaan die de kop van het schip redelijk op de golven houdt, om ons heen liggen zeilboten die dat niet hebben en die slingeren echt van noord naar boord. Toch wachten we nog twee dagen en dan draait de wind van noordoost naar zuidoost en dat is precies wat we nodig hebben. Op een prachtige zonnige dag varen wij met een rustig windje, rustige zee en een knik in de schoot naar Saint Barths, 28 mijl verder. Zo is het o zo lekker zeilen!



Al in de verte zien we het eiland liggen. Althans, de superyachts die er voor anker liggen. Het grootste dat we zien is de 'Eclipse'. Best een aardig grote bak. Zes verdiepingen. Althans, zover we kunnen tellen. We zien vast nog wat verdiepingen over het hoofd. Een drijvend Gouden Paleis. Maar toch... als we een paar dagen later lezen dat dit met 162,5 meter het op een na grootste superyacht ter wereld is... dan valt ons dat toch een tikkie tegen... we dachten echt dat er nog veel grotere jachten zouden zijn. Kortom, we zijn gewend geraakt aan alle grote boten om ons heen. Nu ja, het schip heeft drie helikopterplatforms, twee zwembaden (waarvan er een om te bouwen is tot dansvloer... het is natuurlijk een beetje schipperen met de ruimte op zo'n bootje) etcetera. Zie de specs van dit Golden Palace
De 'Eclipse' pal voor onze boeg als we St Barths naderen. Om de Eclipse in perspectief te plaatsen...  Die drie jachten die rechts voor anker liggen zijn supergrote jachten met een verdieping of vijf, maar vallen in het niets bij de Eclipse.

Na de schommelweek op Eustatius snakken we naar een ankerbaai zonder deining maar dat valt vies tegen als we ons anker laten vallen bij hoofdstad Gustava. Ook hier schommelt het flink door een combinatie van deining en windgolven en dat alles wordt nog eens versterkt door de vele bijboten van de superyachts die hier voor anker liggen. Als s ochtends rond zes uur de golven behoorlijk wegvallen omdat de stroming draait en de wind afneemt... begint de werkdag van alle crew van de superyachts en liggen we te stuiteren door de passerende speedboten van de superyachts, op weg naar wasserette, supermarkt, champagnehuis en kaviaarleverancier. Aaaaachhhh!!!!! Voor straf besluiten we om maar lekker niet in te klaren in St Barths. 

Het is druk in St Barths. De ankerbaai ligt erg vol en ook bij de dinghysteigers is het dringen.


Superyacht, na superyacht, na superyacht. En maar de hele dag poetsen. Na ieder buitje gaat er weer een doek langs het chroom en plastic. Zo blijf je wel bezig. 95% van de superyachts wordt (vrijwel uitsluitend) als charterboten ingezet.


WATER TANKEN
We bezoeken die ochtend illegaal de hoofdstad, waar rijkdom kennelijk geshowd moet worden, of je nu rijk bent of wilt lijken. Quirijn besluit alle Quads te tellen die hij tegenkomt maar raakt na al drie minuten de tel kwijt, bij vijfentwintig. Dan maar mini cabrio's, maar ook die zijn ontelbaar. 


'Pap, daar, nog een Quad'. Maar pap kijkt mooi de verkeerde kant op... de oliebol...

Parkeerplaats voor de Quad



Wij voelen ons in onze oude kloffie haast zwervers. Zeker wanneer we met zes jerrycans langs een rijtje superyachts lopen. Onze watertank op Antares is leeg en we willen even zeventig liter halen voordat we de 800 liter watertank op Sint Maarten vullen bij een tankstation. Meestal vind je wel ergens langs de waterkant een kraantje, maar op Sint Barths niet. Bij een superyacht ligt een waterslang en die mogen we gebruiken. De splinternieuwe Italiaanse speedboot Logica 147 met drie verdiepingen is naar een bootshow geweest en vertrekt over een paar dagen naar een volgende bootshow. Voor die tijd  mogen we gerust vaker langskomen om onze jerrycans te vullen, niet in de laatste plaats omdat de bemanning Quirijn zo schattig vindt nadat die er op staat om een vijf liter jerrycan zelf naar onze bijboot te slepen.




CONTRASTEN
We vinden het interessant om de contrasten te ervaren tijdens onze zeilreis. Hier op Sint Barths voelen we ons zeezigeuners in onze verkleurde kleding, onze aftandse bijboot en met ons twaalf meter korte zeilbootje -- tegenover de grote en luxe superyachts, de gepimpte cabrio's, de dagelijkse kaviaar en champagne en andere eerste levensbehoeften.

Terwijl we ons op de Cotticarivier in Suriname en op sommige zuid Caribische eilanden soms geneerden voor onze rijkdom in onze sjieke kleding, onze geavanceerde dinghy en met ons twaalf meter lange mega zeiljacht -- tegenover de kleine en eenvoudige hutjes, de uitgeholde boomstammen, de dagelijkse rijst en water en andere eerste levensbehoeften.

WE LIGGEN EINDELIJK STIL!
Na ons bezoek aan Gustava schuiven we een baaitje op, naar Anse de Colombier. Whahaaaaa! De boot ligt, voor het eerst sinds twee weken, helemaal stil. We rollen niet, kunnen haast een knikker op tafel leggen zonder dat die wegrolt. We blijven twee nachten en bezoeken het strand waar tegen een heuvel op een zandduin is ontstaan en waar we ons met Quirijn vermaken door naar beneden te rollen, springen en vallen.


We delen Anse de Colombier met wat bijzondere jachten... 

Ondertussen ligt op Antares
de buitenboordmotor uit elkaar


... en met dagjesmensen. Deze cat komt vanaf Sint Maarten
zeilen en vertrekt na een lunch en een snelle snorkel weer. Ze
liggen op twee meter van ons geankerd. Het eten ruikt heerlijk,
de muziek is Caribisch en als ze gaan zwemmen, vliegen de
spetters water in onze kuip. 


In Anse de Colombier vinden Hedda en Quirijn
schelpjes. Hier draagt Quirijn een van de
schelpen om zijn nek.
Op vrijdag 8 januari varen we naar Sint Maarten, waar we sindsdien liggen in de Lagoon, de baai die door twee bruggen wordt ontsloten met zee. Hier liggen we nog stiller. Geen geschommel, niets. Zo heerlijk! zeker omdat we weten dat de geankerde boten in de baai buiten de brug wel behoorlijk schommelen op de deining. 

Sinds zondag is oma op bezoek en zij blijft een week. Wat een heerlijk feest om weer bezoek te hebben! Misschien moeilijk voor te stellen als je onze belevenissen leest en de foto's ziet, maar na anderhalf jaar weg van familie en vrienden is bezoek echt een feest waar we steeds enorm naar uitkijken! Alleen, tja, zo'n week vliegt natuurlijk voorbij ... ellukk voordeel heb zun nadeel.





Geen opmerkingen:

Een reactie posten